<-- 16D. 't Kan erger  (meer naardag)

Verschil in agressie?

Een overtreft zich!

Drie's echte verjaardag was al enige tijd daarvoor geweest, dus het kan zijn dat de meegebrachte cadeautjes van Zwartzaaddonor de dames daarom zo irriteerden. Maar ja, op haar echte verjaardag was hij niet welkom! Op het moment kwam van het geven van de cadeautjes vlogen de sarcastische opmerkingen in het rond, terwijl de man onder afkeurende blikken geschenken uit zijn tas haalde.

"Goh, 't is toch nog geen Sinterklaas is het!" was zo'n opgerispte snibbigheid. De beste sneren trouwens maakte moeder Een. Twee bewaarde ze voor later...
"Wij geven zijn niet zo van de cadeaus", was ook zo'n hint als een heipaal. Want je moet er toch niet aan denken dat het kind blij zou worden gemaakt door haar vader. Wij proberen het creatieve taalgebruik weer te geven, maar het is behelpen. Zoals Een het deed is navolgbaar.

Subtiele aanwijzing voor vertrek

Nauwelijks had Drie haar cadeautjes aan- en uitgepakt of Een trok haar jas aan. Terwijl ze demonstratief rammelde met haar autosleutels, orgelde ze: 
"Je kunt wel met ons meerijden op de terugweg naar het station” 
"Huh, terugweg?”
" Ja, Drie gaat moet naar een kinderfeestje. Madjan is haar verjaardag viert ze, zie je", verklaarde Een.
De man moest het even verwerken en niet alleen vanwege het speelse taalgebruik. Daarop vulde Een de ontstane stilte op met:
"En zoiets zeg ik echt niet af, alleen omdat jij langs komt. Je kan zoiets doe je een kind niet aan!"
De man probeerde begrijpend te kijken, zich afvragend waarom ze dan hun agenda's op elkaar hadden afgestemd om juist tot deze afspraak te komen.
"Kwestie van spieg…eh, sychogie", volgens Een
“Niet te vergeten van pedogiek”, vulde Twee wijs aan.
Zo te horen hadden de dames er goed over nagedacht.

TabeeDe man zag Drie gelukkig nog een tiental minuten. Namelijk in de auto. Hij zat voorin naast Een, Drie achterin, zo ver mogelijk van haar vader weggestopt. Hij moest in de auto wachten toen het meisje voor het huis waar het kinderpartijtje was, werd afgezet. Een stapte weer in en Drie zwaaide wat vaag naar de man. Ze had weer die kenmerkende wat holle blik. Niet begrijpend keek ze de wegrijdende auto na, het cadeautje voor de gastvrouw in haar andere handje geklemd. 

't Was dan weliswaar "nog lang geen Sinterklaas" en wonderlijk genoeg was "we zijn niet zo van de cadeaus" nu eventjes niet van toepassing.