<-- 33. Vaderdag (dag vader) -->

Eerste 4 levensjaren van Drie. In de komende Mallekdotes zijn er een broertje en een zusje bij.

Wegpoetsen

Voor het wegpoetsen van een zaaddonor uit het leven en het geheugen van het kind bestaan diverse trucs. Vaderdag leent zich daar goed voor. Drie zal een jaar of vier zijn geweest, toen ze dagelijks naar een kinderopvang ging. Op een herfstige dag bracht de post haar vader een forse enveloppe. Daarin zat een bekrast en gekleurd stuk papier. Na dat zorgvuldig te hebben bestudeerd, vond Zwartzaaddonor ook nog een snippertje papier met de mededeling "van Drie".

Zijn hart sprong op... Post van zijn biologische dochter! Het bleek achteraf het handschrift van Een te zijn, die traditioneel de (haperende) correspondentie met hem onderhield. Nou ja, onderhield… wat daarvoor moet doorgaan. Kinderen van rond de vier jaar kunnen natuurlijk wel letters overschrijven; sterker nog: ze vinden het meestal erg leuk. Maar Drie iets leuks voordoen was waarschijnlijk teveel moeite. Of nog simpeler: de moeders vonden het niet leuk. En dat is opvallend vaak in vele situaties de kwintessens.

Neen hoor, moeder Een schreef - desnoods met een verdraaid handschrift en haar linkerhand - die zogenaamde boodschap. Best opmerkelijk die weerzin tegen een beetje leuk doen. De dames tamboereerden graag allerlei pedagoochelarische prietpraat in het rond , maar ernaar handelen: dat was heel andere koek. Want hier raken we dede essentie van opvoeding… waarover de dames pochten een grondige expertise te hebben.

De Bermudadriehoek

Ofschoon de strekking van het frutsel niet duidelijk was, stuurde de man meteen een brief naar Drie met "bedankt voor het mooie handwerkje". Want zoiets moet het toch zijn geweest! Je moet dan maar hopen dat het voorgelezen wordt.

Over een periode van zes jaren (dus ook toen er meer kinderen in het gezin waren) groeide er bij hem het ernstige vermoeden, dat er ongewoon vaak iets spoorloos verdween. Denk aan dingetjes die hij in de loop van vele jaren opstuurde. Post kwam niet aan, raakte na aankomst alsnog zoek of een opgestuurde diskette-met-plaatjes kon op hun computer niet worden gelezen. Het moet de enige computer in het land zijn geweest, die vermoedolijk op stoom draaide. Zo waren er talloze, laten we maar zeggen, hindernissen op de weg van de zaaddonor naar zijn biologische kind. Heel navrant is dit:

Hekel aan kaarten

Ofschoon de dames "niet aan nieuwjaarskaarten deden" en er een grondige hekel aan hadden, leek hun huis rond die de jaarwisseleing volgepropt met dat spul. Zij hadden zelfs een aantal kaartenhouders aangeschaft, omdat ze al die losse wensen niet goed kwijt konden op de schoorsteenmantel of de muur. Zeer vreemd en buitengewoon tegenstrijdig met hun geneuzel over "niet aan nieuwjaarskaarten doen". Hoe Zwartzaaddonor - jaar in jaar uit - ook de kamer ronkeek… de door hem verzonden kaarten zaten er nooit tussen! Zij leken zorgvuldig te zijn verwijderd.

Telefoontje dan?

Als alternatief was er natuurlijk opbellen naar Drie. Dat was niet aan te bevelen, want in de voorgaande jaren had hij lessen geleerd uit nogal overspannen reacties. Als hij - tijdens een bezoek - maar probeerde alleen met het kind te praten, reageerde met name Een op het hysterische af zodra hij - naar haar smaak - ook maar iets te dicht bij Drie kwam te staan. Ogenblikkelijk sloeg dan de paniek bij haar toe: rode vlekken in haar gezicht en halskwabben, zo eng kloppend bloedvat op haar linkerslaap en op zwellende halsaders… Ze zat vlak tegen hyperventileren aan. Nog even en er moest in een zakje worden geblazen! Zodoende vertoefde hij alleen onder streng toezicht met het kind in dezelfde kamer.

Dat zit er niet in… *)

Dat betreft dan fysieke afstand, dus u zult zeggen dat telefoneren dan geen bedreiging kan zijn… Men hoeft geen dieptepsycholoog te zijn om te begrijpen, dat Een als de dood was dat er zich iets buiten haar gezichtsveld afspeelde. Het fenomeen "telefoneren" paste naadloos tussen overige taboes als "fotograferen" en "aanraken". Ook al zaten er honderden kilometers tussen Zwartzaaddonor en zijn dochter… er gebeurde niets waar Een eventjes geen grip op had. Wat smoezelden en mispelden die twee met elkaar zonder dat ze het kon volgen? Rode vlekken, opzwellende halsslagaderen… het hele pakket. U snapt het al: opbellen was niet zo eenvoudig als het lijkt. In een ander gezin dus.

Laat in het jaar

Overigens heeft de man de link met Vaderdag niet eens gelegd toen hij de post opende. Die feestdag lag immers maanden daarvoor en, laten we wel zijn… het woord vader en combinaties daarvan (zoals 'Vaderdag') was/waren ook zo'n taboe.

Anekdotisch: twee andere kinderen mee

Hij vermeed ook altijd omzichtig het woord "vader" te gebruiken. Verwijzingen naar een familieband mochten überhaupt niet worden gemaakt. Ooit - maar dit speelt zich dan alweer enige tijd later! - bracht Zwartzaaddonor zijn twee eigen kindertjes mee, die in hun onschuld spraken over "halfbroers" en "halfzussen".

Niet zo vreemd, want hun vader (Zwartzaaddonor) en hun respectieve twee moeders hadden het ook over "halfbroers en halfzussen". Dat dat in twee andere gezinnen normaal was, telde niet onmiddellijk zodra je huize Pottensteyn betrad. De dames leken wel een appelflauwte te krijgen toen die bezoekende kinderen spontaan elkaar (want ze waren nu eenmaal halfzussen van elkaar) en de kindertjes in Pothuyzen aanduidden met halfzus en halfbroer. Dat soort dingen diende niet te worden gezegd en Zwartzaaddonor werd verondersteld zijn kinderen ter plekke de mond te snoeren! Op gevaar af dat Een een hartfit kreeg.

Hoera! Jarig

Het verhaal maakt nu eventjes een sprong naar Drie's volgende verjaardag, als ze vijf is geworden. Volgens traditie bracht Zwartzaaddonor in de week daarop haar een bezoek. Met een bij voorbaat (zo wist hij) pedagogisch afgekeurd cadeautje. Uit het geschoffelde kraambezoek vijf jaar daarvoor herinnert u zich vast nog, dat pas na de ergste drukte er plaats voor de biologische vader was. Zulke hinderlijke onderbrekingen als een bezoekende vader moet je nooit te vroeg plannen. Hij kon Drie nu persoonlijk bedanken voor het vaderdagcadeautje. Dat werd spannend, want uit eerdere ervaringen wist hij dat Drie nooit leek te begrijpen waar hij het over had als hij vroeg wat ze vond van iets, dat hij had opgestuurd.

Ingetogen, comateus of autistisch?

Het verloren gaan van opgestuurde dingetjes in de Bermudadriehoek is een mogelijkheid. Nog een mogelijke verklaring voor haar wezenloze gezichtsuitdrukking van "ik snap niet waar je het over hebt" was, dat hij steeds een tijdje ná het feestgewoel kwam. Of: doordat Drie gewoon zo was; ze maakte altijd een erg ingetogen, bijna autistische indruk. Een zeer rustig, nogal geremd kind zou je zo kunnen zeggen.

Andere kinderen die de man kende, waren meestal rond hun verjaardag uitgelaten en raakten soms flink over hun toeren. Hij dacht eigenlijk dat dát normaal was... Dat Drie hem met een lege blik, nogal comateus begroette, vond hij op een gegeven moment niet bijzonder meer. Zo was ze nu eenmaal. Of zat haar toch iets dwars? Dat hij bijvoorbeeld zogenaamd nooit iets van zich had laten horen toen ze met rode oortjes het vaderdagcadeau in elkaar frutselde. Dat zou zomaar kunnen. Wat zullen de moeders zich hebben verkneukeld over de situatie…

Geblokkeerde verjaardagvreugde

De ambiance in haar huis was zoals in alle voorgaande jaren: vriezenskoud en afstandelijk. Emotioneel zowel als letterlijk. Hij zat aan de ene kant van de lange eettafel en Drie aan het andere einde. Minimaal een van de dames controleerde van dichtbij of hij niet met zijn poten aan het kind zat. Ongestoord spreken met Drie was onmogelijk, want moeder Een rebbelde daar nadrukkelijk dwars doorheen. Zo blokkeerde zij vaardig elk spontaan contact met Drie, maar wat mogelijk schadelijker was: ook het omgekeerde gebeurde.

Initiatief van het kind blokkeren

Pogingen die Drie zelf ondernam, strandden roemloos op de vlezige barrière, die Een vormde. Dat kind had best een natuurlijke neiging om toenadering te zoeken. Maar ja, kom maar eens langs die zinderende vleesberg heen. Zelf die zeldzame keren, dat Drie iets vroeg aan Zwartzaaddonor, brak Een in het gesprek in. Schaamteloos beantwoordde zij die vraag namens Zwartzaaddonor! Dat was een aanwijzing voor de overige, ruime lariekoek, die het kind werd verteld al die keren dat Zwartzaaddonor er niet bij was.…

Het lukte Zwartzaaddonor in ieder geval niet om aan Drie te vragen of zijn bedankbriefje was ontvangen, cq. voorgelezen. Een antwoord ontfutselen was bij voorbaat gedoemd te mislukken, want voor zover hij al met haar contact had, keek ze hem alleen maar glazig en niet begrijpend aan... Het zal toch niet...", zo vroeg hij zich af. Meer…

*) Gezegd moet worden, dat als Een ver weg was, moeder Twee een stuk gemakkelijker was over 
telefonisch contact.

Op pagina 38 een verhandeling over hoe de dames psychogelarisch voortdurend in de weer waren. Maar in de praktijk echter zagen ze helaas de emotionele schade niet, die ze zelf aanrichtten.